Stichting De Koepel
Actuele ligging van de dag-nachtgrens op aarde
Abonneer je op de gratis nieuwsbrief van allesoversterrenkunde.nl
Discussieer mee over sterrenkundige artikelen en nieuwsberichten op astroforum.nl (registratie vereist)
Meer informatie op deze site over:


Luchtfoto van Meteor Crater in Arizona.

De hele aarde ligt in de vuurlinie

6 november 2010
de Volkskrant
de Volkskrant


Onze planeet ligt in een kosmisch schootsveld. Als we nu niet in actie komen, is het straks misschien te laat.

Nee, ze hebben niet het postuur van Bruce Willis. Maar ze zijn minstens zo ambitieus, en het is ze bittere ernst. Vijf mannen op leeftijd, met een serieuze blik en met een boodschap. Want het is vijf voor twaalf, en de aarde moet gered van een kosmische catastrofe. Of in ieder geval: als het straks onverhoopt nodig is, moet de internationale gemeenschap in staat zijn om tot actie over te gaan. Bij het Europese vluchtleidingscentrum ESOC in Darmstadt, Duitsland, presenteerden ze eind vorige week hun bevindingen. ‘We weten nu hoe we een ramp kunnen voorkomen,’ zegt Apollo 9-astronaut Rusty Schweickart. ‘Dat schept een morele verplichting.’

De ramp waar Schweickart op doelt, is de inslag van een reuzenmeteoriet een rotsachtige planetoïde of een ijzige komeet. Miljoenen van die grote en kleine brokstukken restanten uit de chaotische ontstaansperiode van het zonnestelsel trekken hun baantjes om de zon. Tienduizenden kruisen de baan van de aarde. De meeste daarvan zijn klein en ongevaarlijk, maar er zitten ook exemplaren tussen met afmetingen van tientallen of zelfs honderden meters; sommige zijn zelfs groter dan een kilometer. Ooit gaat het mis. De vraag is niet óf dat gebeurt, maar wannéér daar is iedereen inmiddels wel van overtuigd.

Met nieuwe, grote telescopen en gevoelige digitale camera’s wordt jacht gemaakt op die ‘aardscheerders’. Vele honderden zijn er al gevonden. Die bewegen stuk voor stuk in ‘veilige’ banen, hoewel de planetoïde Apophis op vrijdag 13 april 2029 wel héél rakelings langs de aarde zal suizen. ‘Maar,’ zegt Schweickart, ‘het is een kwestie van tijd voordat we er een vinden met ons adres erop.’ En dan kun je maar beter niet lijdzaam gaan zitten wachten op de dingen die komen vraag maar aan de dinosaurussen. ‘De vraag is: zijn we er klaar voor?’ aldus Nicolas Bobrinksy van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA.

Naaldwoud
Kosmische inslagen zijn zeldzame maar catastrofale natuurrampen. Een projectiel van vijftig meter groot maakte in 1908 een stuk Siberisch naaldwoud ter grootte van de provincie Zuid-Holland met de grond gelijk. Dat moet je niet boven de Randstad hebben. Maar in tegenstelling tot relatief kleine natuurrampen als aardbevingen, vulkaanuitbarstingen en tsunami’s kunnen inslagen overal ter wereld plaatsvinden. Ook in de oceaan natuurlijk, wat overigens
zeker voor de wat grotere objecten nog rampzaliger is dan op land, omdat de resulterende vloedgolven dan nóg veel meer slachtoffers kunnen maken.

Niet zo gek dus dat verschillende organisaties al jarenlang aan de bel trekken. Schweickart en een aantal collega-astronauten via de Association of Space Explorers. De particuliere B612 Foundation (genoemd naar de thuis-planetoïde van de hoofdpersoon uit De Kleine Prins). De Secure World Foundation, opgericht door de Californische filantrope Cynda Collins Arsenault. Ruimtevaartorganisaties als ESA en NASA. Zelfs binnen het Committee On the Peaceful Uses of Outer Space (COPUOS) van de Verenigde Naties is een speciaal actieteam opgericht.

Hoe maak je een aanstormend hemellichaam onschadelijk? Simpel: door de baan te veranderen. Dat kan volgens Schweickart op drie manieren. Om te beginnen met grof geweld: knal er met hoge snelheid een aantal zware projectielen tegenaan, en je tikt de planetoïde een héél klein beetje uit zijn koers. De tweede manier is subtieler en preciezer: hang een groot, zwaar onbemand ruimteschip op kleine afstand van de planetoïde, zet de raketmotoren op een heel laag pitje, en trek het hemellichaam langzaam een beetje opzij met behulp van de zwaartekracht. De werking van zo’n ‘zwaartekrachtstractor’ werd een paar jaar geleden in Nature beschreven door Schweickarts collega Ed Lu.

Is de boosdoener groter dan een paar honderd meter, dan werken deze methodes helaas niet. Een roeibootje trekt een olietanker niet opzij, en een aanstormende stoomlocomotief ontspoort niet als je hem met pingpongballetjes bekogelt. Nee, als de nood écht aan de man komt, is een kernexplosie vlak naast de planetoïde nodig. Een deel van het oppervlaktemateriaal zal dan verdampen en de ruimte in vliegen; door de reactiekracht gaat het hemellichaam een klein beetje de andere kant op. Hoe dan ook, zegt publicist Leonard David, tevens staflid van de Secure World Foundation, ‘we weten hoe het moet; we zijn de giechelfactor ontstegen.’

Vingeroefening
Wat niet wegneemt dat er ervaring opgedaan moet worden met dit soort technieken. Liefst vóórdat je ervan afhankelijk bent. En zo ver is het helaas nog niet, ondanks de inspanningen van de B612 Foundation, die zich tot doel stelt om vóór 2015 het afbuigen van een kleine planetoïde te demonstreren. ‘ESA heeft voorbereidend onderzoek gedaan aan zo’n demonstratieproject met de naam Don Quijote,’ zegt planeetonderzoeker Detlef Koschny van de Europese ruimtevaartorganisatie, ‘maar dat was van meet af aan slechts bedoeld als een vingeroefening binnen het Advanced Concepts Team.’ Volgens Koschny zijn er tot op heden geen concrete plannen voor een dergelijke ruimtevlucht.

Het komen tot collectieve, internationale beslissingen zal sowieso het grootste struikelblok blijken te zijn als het gaat om het afwenden van inslaggevaar, denkt Schweickart. Terwijl het toch echt een grensoverstijgend probleem is. ‘Stel dat er een planetoïde wordt ontdekt die in 2034 in Laos zal inslaan, dan kan de rest van de wereld dat niet gewoon maar laten gebeuren,’ zegt COPUOS-vertegenwoordiger Sergio Camacho. ‘Er moet dus overeenstemming worden bereikt over de besluitvorming en de financiering van preventieve actie. Liefst door alle 192 lidstaten van de Verenigde Naties.’

Bijkomend probleem, aldus Camacho: zodra je de baan van de planetoïde begint te beïnvloeden, zal het toekomstige inslagpunt vanuit Laos eerst door een aantal andere landen schuiven voordat het gevaar voor honderd procent is afgewend. Thailand wil waarschijnlijk dat het risicogebied naar het oosten schuift; Vietnam ziet het liever westwaarts bewegen. ‘Regeringen zullen zo’n tijdelijk risico moeten accepteren. Het is een uiterst complexe situatie.’ Of, in de woorden van Schweickart: als de aarde geraakt wordt, zou dat wel eens te wijten kunnen zijn aan bureaucratie en gebrekkige internationale besluitvorming.

Blinddoek
Schweickart verwacht dat er binnen een jaar of tien misschien al reden is om in actie te komen. Inslagen zoals die van 1908 komen gemiddeld weliswaar slechts eens in de paar honderd jaar voor, maar de banen van nieuw ontdekte aardscheerders zijn niet allemaal extreem nauwkeurig bekend. ‘We hebben met een blinddoek buiten gestaan terwijl de stenen ons om de oren vlogen,’ zegt Schweickart, ‘maar nu je van alles op je af ziet komen, is het verstandig
en onvermijdelijk dat je regelmatig bukt, ook als dat bij nader inzien misschien net niet nodig was geweest.’

Hoe meer nieuwe aardscheerders en bijna-botsingen er worden ontdekt, hoe meer iedereen ervan doordrongen raakt dat het hier echt een serieus, reëel probleem betreft. Met die publieke bewustwording komt het de komende tijd dus vanzelf goed, denkt Leonard David, vooral dankzij de ingebruikname van nieuwe telescopen die gericht jacht gaan maken op potentiële brokkenmakers. ‘Mensen moeten zich gaan realiseren dat dit geen Hollywood is, maar werkelijkheid,’ zegt hij. Dat het onderwerp voor sommigen altijd geassocieerd zal blijven met samenzweringstheorieën en pseudowetenschap, neemt hij op de koop toe. ‘Bijgeloof hou je altijd.’

Ook Apollo-astronaut Rusty Schweickart onderkent het belang van zorgvuldige communicatie met het grote publiek. ‘Alle informatie moet direct voor iedereen beschikbaar komen, en de mogelijke indruk dat er iets wordt achtergehouden, moet ten allen tijd worden vermeden. De prijs voor die openheid is helaas dat er ook heel veel onzin zal worden rondgebazuind. Daar ligt dan weer een schone taak voor de journalistiek.’

Zou het zendelingenwerk van mensen als Schweickart, Bobrinsky, Koschny, Camacho en David er niet wat eenvoudiger op zijn als de inslag in Siberië niet in 1908 had plaatsgevonden maar in 1980? Of niet in een onbewoond gebied maar aan de oostkust van de Verenigde Staten? Schweickart antwoordt heel uitgesproken: ‘Als je iemand zoekt die hoopt op een echte inslag in de nabije toekomst, dan ben je bij ons aan het verkeerde adres. Ik hoop dat de mensheid zich op preventieve actie zal weten voor te bereiden zonder dat we regelmatig op rampzalige wijze aan het gevaar herinnerd hoeven te worden.’


© Govert Schilling


URL van deze pagina:
http://allesoversterrenkunde.nl/cgi-bin/scripts/db.cgi?ID=1017&view_records=1


Al meer dan 30 jaar het vertrouwde verkooppunt van Nederland in sterrenkijkers, verrekijkers en microscopen. Ganymedes, waar service nog bestaat!

© 2003 -  ·  home | colofon | beheer